Dag 08: Zondag 27-11: Little Petra en Wadi Rum

ANWB informatie: DAG 8 Petra – Little Petra – Wadi Rum. Reisafstand 135 km / Circa 2.5 uur onderweg
Na een bezoek aan Little Petra rijden we naar Wadi Rum, waar we per 4-WD de woestijn in trekken.
Little Petra was vroeger de rustplaats voor de reizende kamelenkaravanen. Niet iedereen mocht zomaar de geheime stad Petra in. Bij de ingang zien we de in de rotsen uitgehouwen tolkamer en via een smalle kloof zien we de eveneens in de rotsen uitgehouwen rustplekken voor de kamelen en hun berijders.
Wadi Rum: overnachten onder de sterrenhemel. Vervolgens zoeken we de stilte van de woestijn op in Wadi Rum, ook wel de Vallei van de Maan genoemd. Een wadi is letterlijk (vertaald) een rivierbedding. In een buitenaards filmdecor vol zandduinen, steeds van kleur wisselende rotsformaties en een imposante rotsboog, rijden we per
4-WD naar een bedoeïenenkamp.
Jeepsafari: We maken een twee uur durende jeepsafari door de indrukwekkende woestijn met zijn vele kleurschakeringen, bijzondere rotsformaties en een imposante rotsboog. De jeeptour eindigt met
een prachtige zonsondergang. ’s Avonds zie je de flonkerende sterrenhemel, goed zichtbaar in de donkere woestijn, terwijl we genieten van een typische bedoeïenenmaaltijd. We overnachten in een tentenkamp bij de
bedoeïenen.

Het programma van deze dag is wat aangepast. De jeepsafari gaan we de volgende dag doen zodat we ruim de tijd hebben voor Little Petra én uitgebreid kunnen acclimatiseren in het tentenkamp in Wadi Rum. De dag begint dan ook ontspannen met een uitgebreid ontbijt in het hotel. Ik ben nog steeds niet 100%, dus ook vandaag doe ik rustig aan. We pakken onze rugzak in met daarin de “minimale” bepakking voor het Bedoeïnenkamp: de grote koffers kunnen niet mee. Ria maakt voor vertrek nog wat foto’s van het hotel.

De eerste stop is “Little Petra”. Deze locatie werd door de Nabateërs gebruikt voor (feestelijke) bijeenkomsten, in tegenstelling tot het ‘grote’ Petra dat vooral een godsdienstige functie had. Het complex is kleiner en minder druk, maar ook hier zijn mooie staaltjes hakwerk te zien in een opnieuw spectaculair landschap.

Als we verder rijden zien we nog wat spectaculaire landschappen.

Na een tussenstop voor lunch rijden we door naar Wadi Rum. Daar moeten eerst kaartjes gekocht worden bij het bezoekerscentrum: het gebied is toeristisch aantrekkelijk o.a. door de filmopnamen die er zijn geweest van bv. “Star Wars” en “The Martian”. Na vertrek bij het ticket office rijden we een eindje de woestijn in, en worden we op een parkeerplaats opgewacht door een paar open 4-WD’s, die ons naar het kamp zullen brengen. We pakken onze kleinere tassen en klimmen achterin, waarbij het in vliegende vaart naar het kamp gaat. Het waait hard en is snijdend koud achterin: dat belooft wat voor morgen: de warme kleren bij de hand houden …..

De ontvangst is eigenlijk heel on-Jordaans: geen welkomstdrankje, een wat norse toewijzing van de tenten en daarna worden we eigenlijk aan ons lot overgelaten. Wellicht werden we niet echt in het kamp verwacht die middag: het originele plan was dat we meteen in de 4-WD’s op stap zouden gaan. Dan ben je als gastheren natuurlijk verrast over het feit dat we allemaal op het kamp blijven rondhangen, maar met de zelf meegenomen drank maakte iedereen er het beste van.

Als het etenstijd is wordt ons eten “uitgegraven”. Het typisch Bedoeïenen gerecht Zarb is een combinatie van vlees, groenten, aardappels en soms ook rijst dat wordt gemaakt in een ondergrondse barbecue. Er wordt uren van tevoren gestart met het bereiden van de ingrediënten. Daarna wordt er een groot vuur in het gat in de grond gemaakt. Als de vlammen zijn gedoofd wordt het rek met het eten in het gat geplaatst. Daarna wordt het gat met een deksel, kleed en een grote berg zand afgedekt. Na 1,5 tot 2,5 uur (afhankelijk van het soort vlees) is het eten klaar. Eerst worden de afdeklagen verwijderd (zand, kleden en aluminiumfolie), waarna de pot omhoog wordt getakeld. Het ziet er goed uit en ruikt ook heerlijk. De Zarb wordt binnen in de centrale hal geserveerd met vers bereide salades, humus en uiteraard brood. Binnen eten we het op, gezeten op zeer lage verhogingen in de centrale binnenruimte. Daar wordt na het eten nog lang nagepraat en op een zeker moment wordt – met muziek – de dansvloer in gebruik genomen. Het wordt alsnog gezellig! Helaas kneust Ria een rib als ze na het dansen wil gaan zitten op een van de zeer lage “banken” rond de dansvloer. Ze valt achterover met haar rug tegen een van de kamelenzadels die daar ter decoratie staan – met van die fijne houten uitsteeksels. In eerste instantie lijkt het mee te vallen, maar al snel wordt duidelijk dat het meer is als een blauwe plek. Gaan slapen is lastig: manoeuvreren in de kleine tent met een rug die protesteert, maar na het slikken van een Ibuprofen 400, lukt het een houding te vinden en valt ze toch in slaap.