Egypte – dag 03: maandag 10-3-08

Vandaag vertrek uit Caïro, op weg naar de Bahariyya-oase

Maandagmorgen beginnen we aan de vierdaagse tocht door de Westelijke Woestijn. Onze bus staat voor en de koffers worden op het dak geladen. We vertrekken om 7 uur, maar belanden onmiddellijk weer in de verkeerschaos. De camera doet het weer en Ria schiet een serie plaatjes vanuit de bus, maar vooral als we vlak bij een druk kruispunt stoppen om heel veel water in te slaan: we gaan immers de woestijn in…..

Stoffig en druk, kleurrijk en vrolijk: Caïro is een belevenis. Een bakker heeft zijn Mercedes voorzien van wat dragers waarop hij zijn broodjes heeft geladen. Met de onafgedekte broodjes open en bloot voor het grijpen is hij kennelijk op weg naar een aflevering bij een winkel. Dwars door het drukke verkeer, net als andere auto’s slingerend door de file….. Hij trekt veel bekijks vanuit onze bus, maar voor de Egyptenaren lijkt het erg normaal te zijn.

Aan de rand van Caïro liggen uitgestrekte nieuwbouwwijken om de steeds maar groeiende bevolking te huisvesten. Verder passeren we een groot universiteitscomplex en een aantal pretparken. Maar langzaam wordt de bebouwing dunner en de weg rustiger. De laatste kilometers van Caïro lijkt de weg een openbare stortplaats voor bouwafval: we passeren hoop na hoop puin. Maar als dat ook ophoudt rijden we eindelijk door het dunst bevolkte en minst toeristische deel van Egypte.

Woestijn heeft de naam een saai zandlandschap te zijn maar de landschappen die we doorkruisen zijn zeer verschillend van vorm. Zand in allerlei vormen wordt afgewisseld met zeer uiteenlopende formaties steen. Ook zijn er veel kleuren: uiteraard geel, maar ook rood, paars, zwart en wit. Verspreid over de eindeloze vlaktes liggen enkele oases en de eerste daarvan, Bahariyya – in de westelijke of Libische woestijn – is ons einddoel van vandaag.  De oostelijke woestijnen (o.a. de Sinaï) doen we niet aan. Daar bevinden zich aan de Rode Zee de echt toeristische badplaatsen van Egypte zoals  Hurghada en Sharm-el-Sjeik, maar dit “all-inclusive” vertier laten we links liggen. Het zijn wél plekken voor zonzekere vakanties met prachtige duikmogelijkheden volgens de verhalen, maar het is niet het Egypte dat wij willen zien.

Vanuit de bus zien we het landschap steeds leger worden. De woestijn ziet er grauw en grimmig uit: Peter vertelt dat dit relatief gezien een van de minst interessante stukken is. Met één bijzondere plek: een versteend bos. Daar stoppen we dan ook even voor foto’s en stenen verzamelen. De eerste keer met de voetjes in een echte woestijn: sta je versteende boomstammen te bekijken…..

Net als we wat gewend zijn aan de afwezigheid van enige menselijke activiteit duikt een pleisterplaats op. Een gebouwtje dat dienst doet als café-restaurant, opslagplaats en moskee met daarnaast een benzinepomp annex garage. Te midden van vrachtwagenchauffeurs en mensen op doorreis zit iemand rustig aan de waterpijp. Een vrouw in burka, die zich duidelijk niet lekker voelt en buiten op de stoep gaat zitten, wordt door een toevallig in de buurt zijnde vrachtwagenchauffeur direct op een stoel geholpen. Op de parkeerplaats ligt op een slordige hoop dekens en kleden iemand te slapen. We drinken er met zijn allen wat fris, koffie (Nescafé) of Karkadee: thee van hibiscusbladeren. Rood en zowel koud als warm erg lekker. Wél suiker erin doen want anders is het erg bitter….

Uitgerust vertrekken we en rijden verder de woestijn in. We passeren een uitloper van een gebied van grote zandduinen: 100 tot 200 km lang en 5 km breed. Dat begint op een klassieke woestijn te lijken. Uiteraard wordt er gestopt voor foto’s en een beetje frisse lucht.

Als we aankomen in de Bahariyya-oase blijkt het hotel te bestaan uit een verzameling appartementjes met traditionele koepeldaken. Geweldig leuk! Van binnen muurschilderingen, creatief imitatieschilderwerk op het hout en een bed met muskietennet. De door Peter in de bus beloofde warme bron (alleen voor mannen overigens) blijkt niet beschikbaar voor een warm bad omdat er net drinkwater uit wordt getapt. Dit tot groot genoegen van een aantal van de dames die het maar niets vonden dat ze zelf geen gebruik konden maken van deze openbare voorziening.

Tegen 5 uur vertrekken we met de bus naar de rand van de oase. We gaan de zonsondergang bekijken vanaf een heuvel waar een oud en geheel vervallen Engels fort staat. Het pad naar boven is prima begaanbaar en voert door een steenwoestijn met een vulkanische achtergrond. Een vervreemdend landschap. Bovengekomen is het uitzicht over de oase prachtig, maar is ook duidelijk dat er meer mensen deze plek kennen. Peter had getipt dat je – als je stil bent – direct na de zonsondergang heel mooi de oproepen tot gebed uit de omringende moskeeën kon horen, maar het is rumoerig op de heuvel, dus dat kunnen we vergeten. De zon zakt uiteindelijk in een paar minuten achter de horizon. Eerlijk gezegd was dat niet echt heel geweldig: die zien we thuis soms mooier. Toch was het de moeite waard, al was het maar vanwege de tocht erheen en het uitzicht. In de invallende schemering horen we in de verte toch nog de oproepen tot gebed.

We rijden terug naar het dorp en pakken onderweg een terrasje bij “Titanic”, een buurtcafé waar iedereen gespannen een voetbalwedstrijd volgt. We kopen ernaast wat dadels en pinda’s voor onderweg (morgen slapen we immers in de woestijn) en gaan terug naar het hotel. Leuk detail: in Egypte is een groot tekort aan wisselgeld dus de aankopen worden zorgvuldig samengevoegd tot hanteerbare bedragen. En als het echt niet meer wil dan zijn er snoepjes als wisselgeld…..

Weer thuisgekomen eten we nog wat: simpel maar lekker. Hoofdbestanddeel: kip, dat zal vaker voorkomen. Daarna is er in de lobby lokale muziek, waarbij een van de muzikanten laat zien dat buikdansen wel degelijk ook door mannen gedaan kan worden. Er worden wat mensen uit de groep de dansvloer opgetrokken en er zitten wat onvermoede talenten bij. Als even later ook een veel jongere (Shoestring) reisgroep aanschuift blijkt dat Arabische bewegingen in de huidige discotheken bekend terrein zijn: een paar meiden dansen – met een beetje steun van een paar flessen van de in Caïro ingeslagen wijn – vol overgave mee.

Om half 12 zoeken we het bed op: morgen 7:00 uur wake-up call.