Egypte – dag 10: maandag 17-3-08

Van Aswan met een Felukka richting Kom Ombo

De start van de “dag van het luieren” is al geheel in stijl: de wake-up call is pas om half 8! Na het ontbijt gaan we om half 9 op weg naar de boten. Zonder Elly: die is vannacht erg ziek geworden en blijft in het hotel. Ze voegt zich morgen – aan land – weer bij de groep.

Als we bij de steiger aankomen is nog maar één van de twee bestelde Felukka’s aanwezig. Peter wordt een beetje kwaad aan de telefoon en om kwart over 9 komt uiteindelijk de tweede boot ook aan. We verdelen ons over de boten. Onze boot – met schipper Hamada – wordt verder bemand door Wim & Margot, Annet & Klaas, Corine en Jaap & Guke. Renée zat er als eerste al op, maar wordt voor een betere verdeling overgeheveld naar de andere boot.

Afvaren is best lastig: de boten hebben géén motor en moeten tussen de aangelegde Nijlcruise-schepen hun weg naar open water vinden. Is een heel gedoe, waarbij wat heen en weer wordt gebotst maar op een paar blutsen wordt hier niet gelet. De boten zijn oud maar in goede staat. De kuip is dichtgemaakt tot een dek van planken, waarop schuimrubber en kleden een soort groot ligbed vormen. Over het hele dek heen is een soort zonnehemel gespannen als bescherming tegen de brandende zon: in ons geval met een schattig beertjesmotief. Zo’n felukka kost nieuw volgens Peter zo’n 50.000 Egyptische pond: € 6.250,– Voor dat bedrag heeft een familie jarenlang te eten, dat zou een echte manier van ontwikkelingshulp geven zijn……

Als we eenmaal op de rivier zijn wordt het heerlijk rustig. Er staat een lekker windje dus er kan echt gevaren worden. Je vaart stroomafwaarts, maar bijna altijd tegen de (Noorden)wind in, zodat er gekruist moet worden. Voordeel daarvan is dat beurtelings de beide oevers van dichtbij bekeken kunnen worden. Vanaf de boot trekt het leven langs de Nijl in een traag tempo aan je voorbij. Het is inderdaad een lui leven: voor koffie en thee wordt gezorgd, er wordt even aangelegd voor een sanitaire stop en ondertussen wordt op het dek gelegen, gezeten, gehangen en gebabbeld.

Als we een brug over de Nijl gepasseerd zijn – met een uitermate kunstige manoeuvre met het zeil – leggen we aan voor de lunch. Die is onderweg – samen met een blok ijs voor de koelbox – door een andere boot afgeleverd en daarbij komt ook Sadat aan boord: hij verzorgt de catering begrijpen we. Moet dus goed komen! Het wordt een uitgebreide, warme lunch, bereid in het piepkleine keukentje op het voordek. Ongelofelijk hoe handig hier met behulp van twee pitjes in een zéér kleine ruimte eten wordt klaargemaakt. Er zijn uiteraard broodjes, tomaten, feta en tonijn maar ook kofta, gebakken aubergines en een omelet: simpel maar heerlijk. Een prachtig ingepakte schaal blijkt als toetje dezelfde overheerlijke gebakjes te bevatten als we ook al bij hem thuis hebben gehad. Heerlijk!

Na de lunch wast de bemanning – terwijl wij wat rondkijken – aan land af, daarbij geholpen door twee jongetjes die op hun ezel zijn komen kijken naar de toeristenboot. Ze zijn het kennelijk wel gewend dat er mensen op die plek aanleggen, en voor hun hulp worden ze beloond met wat restanten van het eten. Gaat er prima in. Als we weer afvaren is al te merken dat de wind steeds verder gaat liggen: die zal in de loop van de middag helemaal wegvallen. Op zich geen probleem: we drijven met de stroom mee de goede kant op. Een passerende boot koopt onze resterende broden op: de “Dream of Amsterdam” is ook weer voorzien van basisvoeding…..

Op de boot geeft Corine een college over voeten: haar specialisme als fysiotherapeut. Heel leuk, er wordt veel gelachen en de sfeer is echt heel ontspannen. De avondschemering zet de wereld in een fantastisch oranjerood licht, en met een wijntje, biertje of blikje fris in de hand genieten we van de tocht. Aan de wal wordt op veel plaatsen hard gewerkt: we passeren onder andere een plek waar een schip met grote rotsblokken wordt geladen. Gewoon met mankracht op de schouders getild, lopend over de loopplank en van de rug laten rollen …..

Het wordt steeds donkerder en er komt ook steeds minder wind. Het laatste uur drijven we (onverlicht) in het donker de Nijl af. Van tijd tot tijd passeert een groot Nijlcruise-schip die zijn zoeklichten op ons richt, maar er is altijd genoeg ruimte om te passeren. We blijken op weg te zijn naar een prachtig strandje waar we aanleggen voor diner en overnachting. Een beetje een domper is wel dat het strandje duidelijk populair is voor dit soort trips: achter elke wat hogere struik is duidelijk te zien dat het een openbaar toilet is. Ook weten wat zwerfhonden al snel dat er weer wat te halen valt. Toch opvallend dat een dergelijke plek niet schoongemaakt wordt: met een paar mensen – kost hier niets – heb je in één dag de grootste rotzooi weer voor weken weggewerkt. Maar dat aspect van toerisme is nog niet echt in Egypte doorgedrongen: dat hebben we ook al in de Witte Woestijn gezien.

De plek is echter ondanks de vervuiling echt prachtig, en als ook de andere boot aan is komen drijven is het etenstijd. Het diner is weer in hetzelfde minikeukentje gemaakt en wordt op de boten gegeten. Daarna gaan we aan land, waar een kampvuur is gemaakt. Een paar lokale jongens zijn ingehuurd voor het verzorgen van muziek en dans, maar het zingen komt wat moeilijk op gang en blijft hangen in obligate meezingnummertjes. Peter vraagt om wat specifiek Nubische muziek. Als die uiteindelijk komt, blijkt heel goed de Afrikaans invloed: er klinken ritmische vraag en antwoordpatronen die eindeloos herhaald worden met telkens kleine variaties. We zetten Peter even extra in het zonnetje: de verwachting is dat we daar de komende dagen weinig tijd voor zullen hebben. Guke biedt namens de groep een fles whiskey aan (die meteen open gaat) en zet Peter een feestmuts op, die hij tot ons aller verrassing ook dapper ophoudt. Met wat toeters wordt de zaak nog wat extra opgevrolijkt, maar eigenlijk is iedereen ook wel gewoon moe.

De boten zijn inmiddels met een simpele ingreep omgetoverd tot drijvende tenten. Rondom het zonnedek is een doek gespannen, zodat er een stoffen doos op het dek is ontstaan. Uiteraard is het krap om met 9 mensen languit op het dek te gaan liggen en er wordt dan ook heel wat afgelachen en geschoven voordat iedereen zijn of haar slaapzak heeft uitgerold. Er ontstaat een typisch schoolreisjes sfeertje, maar zonder eindeloos doorpraten of kussengevecht, want eigenlijk heel snel wordt het helemaal stil. Van tijd tot tijd dieselt er een cruiseschip voorbij, maar vrijwel iedereen is snel in slaap.