Egypte – dag 13: donderdag 20-3-08

De tempels van Luxor & Karnak, en met de trein naar Caïro

Tegen de morgen zijn de darmen  weer een beetje rustig en ik besluit om gewoon mee te gaan doen: in elk geval het eerste deel van het programma is toch vlak om de hoek van het hotel. Twee Loperamide’s erin en we zien wel….. We starten de dag met de Luxor tempel en het Luxor museum. Vanwege de belangwekkende archeologische vondsten wordt Luxor al eeuwen bezocht door toeristen, schatgravers en archeologen. De indrukwekkende tempel van Luxor – die echt midden in de stad en om de hoek van het hotel ligt – herinnert aan de tijd als hoofdstad. Nog veel imposanter is het tempelcomplex van Karnak dat in een wijk tegen Luxor aan ligt en dat we daarna zullen gaan bezoeken. De triomflaan, die ooit drie kilometer lang was en die wordt omgeven door sfinxen, tempels, heilige meren en obelisken voerde daar naar toe. Er zijn plannen om die laan weer in ere te herstellen en de tempels van Luxor en Karnak zo met elkaar te verbinden. Vanaf het dak van het hotel zijn de opgravingen daarvoor ook te zien en bij het ontbijt op het dakterras – toch maar gewoon een beetje dooreten is het advies – maken we daar een paar plaatjes van.

De Luxor tempel is duidelijk een heel belangrijke geweest. De zuilengalerijen zijn indrukwekkend en er zijn vele prachtige beelden te zien. Bijzonder is de moskee uit de 13e eeuw, die ooit samen met een klein dorp gebouwd was op wat een normale heuvel naast de stad leek. Die heuvel bleek bij opgravingen in 1881 een heel tempelcomplex te bedekken, dat zeer goed bewaard was gebleven omdat het na gebruik als legerkamp in de Romeinse periode rond het jaar 300 was verlaten en bedekt met een laag zand en slib. Het dorp is afgebroken, de moskee mocht blijven staan en torent nu hoog in de lucht.

De Luxor tempel heeft een indrukwekkende voorgevel, waarop de gebruikelijke overwinningstaferelen uitgehakt zijn. Naast de ingang staan twee kolossale beelden van Ramses, en aan één kant staat een 25 meterhoge obelisk. Aan de andere kant stond er ook een, maar die staat sinds het begin van de 19e eeuw in Parijs op de Place de la Concorde. Een geschenk aan het Franse volk van de toenmalige heerser Mohammed Ali, die duidelijk weinig op had met de oude Egyptische schatten.

In het complex zijn in 1989 bij werk aan de fundering 22 beelden gevonden, die daar waarschijnlijk ooit verstopt zijn om aan beschadiging of vernietiging te ontkomen. We zullen ze even later in het Luxor museum zien: schitterend!  De Luxor tempel speelde een belangrijke rol in het jaarlijkse Opet feest, waarbij beelden van Amon, Moet en Chonsoe in processie van Karnak naar Luxor werden vervoerd over de speciaal daarvoor aangelegde door sfinxen omringde wegen en de Nijl.

Na de tempel duiken we het museum in, waar Heba ons snel wat highlights vertelt waarna we zelf onze weg kunnen zoeken. Er zijn naast de prachtige beelden uit de tempel veel mooie dingen te zien, maar na anderhalf uur kijken verlangen we naar een bak koffie. In het restaurant treffen we een groot deel van de groep: we waren duidelijk niet de enige…..

Als de groep compleet is vertrekken we met onze bus naar Karnak. Farao’s van verschillende dynastieën hebben dit complex gedurende 2000 jaar uitgebouwd tot een zelfstandige stad, waar nog steeds lang niet alles is opgegraven. Er staat een krappe 2 uur gepland voor het bezoek, maar er wordt afgesproken dat mensen die langer willen blijven dat kunnen doen. De middag is verder toch vrij: het is alleen van belang om op tijd klaar te zijn voor de treinreis. Zelf vervoer terug regelen is makkelijk: de afstand is zelfs te lopen hoewel het wel erg warm aan het worden is. Al vrij snel nadat we Karnak binnen zijn gegaan wordt duidelijk dat we inderdaad langer willen blijven.

We hadden tijdens de sound & light show al een beetje beeld gekregen van de enorme omvang van dit complex, maar het is echt overweldigend. Het hart van het complex is de tempel van Amon, de koning der goden. Eromheen binnenhoven, zuilengalerijen, kolossen, talloze andere beelden en een heilig meer: er is goed te zien dat vanaf de 11e dynastie alle koningen erg hun best hebben gedaan Karnak te verfraaien. Op het hoogtepunt van de bedrijvigheid – tijdens de 19e dynastie – werkten er naar schatting 80.000 mensen op en rond het complex: arbeiders, priesters, bewakers en bedienden. Toch is het op een bepaald moment verlaten en onder het zand verdwenen. 1000 jaar later is in de 19e eeuw begonnen met het opgraven van dit gigantische complex.

Het is er in het begin erg druk: je kunt bijna over de hoofden lopen. Bizar is het rituele rondjes lopen rond de scarabee, een speciale bezienswaardigheid in het complex die je als mascotte ook overal verkocht ziet worden. Vijf keer eromheen voor kinderen, zeven keer voor geld en 9 keer voor geluk vertelt gids Heba. In de ogen van de mensen is te zien of ze werkelijk erin geloven of het doen in het kader van “baat het niet dan schaadt het niet”. Wij doen niet mee, en het maken van een foto zonder mensen is erg lastig…. Dat lukt uiteindelijk wel als we na de lunchpauze in onze extra tijd nog eens rondlopen. De meeste toeristen zijn dan weg en hoewel het inderdaad erg warm is genieten we van het rustig kunnen rondkijken. Ook Fernande en Helma blijken er nog rond te lopen: die treffen we in het restaurant waar we wat te drinken gaan halen.

Voor de terugreis besluiten we toch te zwichten voor een paardenkoetsje. Na wat korte onderhandelingen stappen we in, met een heldere afspraak over de kosten en géén baksjiesj voor het paard. Onderweg wipt een jonge jongen voor op de bok: ook hij probeert nog wat geld los te peuteren. We willen iets voorbij ons hotel naar het Winter Palace Hotel: een klassiek gebouw waar vele hoogwaardigheidsbekleders verbleven. Zo ook vandaag, want de koets wordt ruim voor die tijd naar de kant gedirigeerd omdat Mubarak even in Luxor – en kennelijk in het Winter Palace – op bezoek is. We lopen verder, maken wat foto’s en zien inderdaad overal extra bewaking staan en zitten. Van Mubarak geen spoor overigens…..

We lopen het laatste stukje terug en komen opeens langs een katholieke (Franciscaner) kerk: een opmerkelijk gezicht in een land dat zo doordrenkt is van de Islam. We eten weer bij Jamboree: was ons goed bevallen en we hebben geen zin meer in avonturen. Er staat ons nog een lange nacht te wachten: om 8 uur  stappen we op de trein die ons terugbrengt naar Caïro. We hebben gebruik gemaakt van de optie om onze eigen kamer een halve dag extra te reserveren: voor een paar Egyptische tientjes hebben we nu nog even de luxe van een eigen bed, een eigen douche en de tijd aan ons zelf. Heerlijk: we rusten nog even uit, douchen nog een keer en gaan ook nog even uitgebreid naar het toilet. Het gaat vandaag allemaal goed, maar de boel is nog zeker niet rustig. Voor de reis toch maar even weer Loperamide geslikt: de verhalen over de treintoiletten zijn pure horrorstories…..

Dan op weg naar de trein. We hebben gereserveerde zitplaatsen in de eerste klasse vertelt Peter in de bus, en hij geeft ook duidelijke instructies over instappen. De trein is namelijk meestal zeer druk: kaartjes krijgen is erg lastig en deze keer lukte dat zelfs voor het traject Luxor-Caïro niet meer dus hebben we tickets Aswan-Caïro. We moeten dus ‘onze trein’ halverwege oppikken.

De trein is op tijd en instappen gaat probleemloos. De plaatsen zijn ook keurig vrij – er was gewaarschuwd voor ‘krakers’ – en heel erg ruim. Zelfs ik kan mijn lange benen bijna rechtuit leggen… We zitten als groep bij elkaar en de laatste restjes drank gaan rond. Guke heeft er lol in en amuseert de hele groep met zingen en lachen. Peter zal later bij het afscheidsdiner zeggen dat hij dat een van de leukste momenten van de groep vond: iedereen – hoe verschillend dan ook – deed mee en had lol.

Om een uur of 10 proberen de eersten te gaan slapen. Dat lukt een aantal mensen prima: de stoelen kunnen redelijk neergeklapt worden tot een soort van ‘ligbed’. Ik ben daar toch echt te lang voor, maar dommel van tijd tot tijd wel lekker weg. De hele nacht loopt onze wagonbediende heel stilletjes rond met hapjes en drankjes, en in de morgen wekt hij ons met verse thee en koffie.